login: wachtwoord: [wachtwoord kwijt - registreren]
 
Je moet ingelogd zijn om berichten te plaatsen
Forums doorzoeken:


 






Minimum search word length is 4 characters – Maximum search word length is 84 characters
Gebruik van wildcard:
*  komt overeen met willekeurig aantal karakters    %  Komt overeen met precies één karakter

Feuilleton II

GebruikerBericht

08:49
1 december 2011


Klaske

berichten: 277

1

JACK KAN DE POT OP
DEEL EEN

‘Een staatslot alstublieft’, zei Olga tegen het meisje achter de toonbank.
‘Hebt u voorkeur voor een eindcijfer?’
‘Ja, dertien graag’.
Het meisje keek haar even aan en Olga verwachtte dat ze nu zou gaan zeggen dat dertien niet uit één maar uit twee eindcijfers bestond maar het meisje zei: ‘Dat is leuk. Ik kies ook altijd een lot met dertien op het eind. De meeste mensen willen geen dertien als eindcijfer en daarom denk ik dat ik dan juist meer kans maak’.
‘Ik ben niet bijgelovig’, zei Olga en ze realiseerde zich meteen hoe vreemd dat moest klinken voor iemand die om een bepaald eindcijfer vroeg. En toch was het waar; het feit dat ze een lot met nummer dertien wilde hebben, had niets met bijgeloof te maken maar alles met Het Plan waar ze aan werkte. En dat plan verliep nou eenmaal volgens vaste regels.
‘Wilt u met jackpot?’, vroeg het meisje.
‘Nee, Jack kan de pot op’, zei Olga. Het had hetzelfde resultaat als de voorgaande twaalf keer dat ze het gezegd had: de verkoopster lachte.
Nadat ze had afgerekend, keek ze nog even bij de wenskaarten en liep toen de kiosk uit. Het was de eerste keer dat ze in dit winkelcentrum kwam en ze liep enkele winkels in en uit. Vrijwel alle winkelcentra hadden hetzelfde aanbod en ze deed al lang geen moeite meer om uit te zoeken of er in een willekeurig winkelcentrum wel een verkooppunt voor staatsloten zat. Naast de gebruikelijke supermarkt – meestal twee – had je er altijd wel een zaak in huishoudelijke artikelen, een bloemenwinkel, een winkeltje met kaas en noten, een slagerij, een slijter en een groentewinkel. Afhankelijk van de grootte, had je alle kans er een dierenwinkel, een doe-het-zelfzaak en een kleine boekwinkel aan te treffen. Soms, zoals hier, zat er nog een kledingwinkel. Ze kocht er vier nieuwe panty’s en ging tot slot naar de supermarkt voor de gewone boodschappen. Daarna reed ze naar huis.
Het was donderdag. Over vier dagen was het de tiende; de dag van de trekking. Olga ruimde haar boodschappen weg en bestelde een pizza. Op de andere dagen kookte ze trouw voor zichzelf, die opdracht had ze zichzelf gegeven toen ze voor het eerst voor zichzelf moest zorgen, jaren geleden. Alleen op de donderdagen maakte ze het zich gemakkelijk. Dan at ze soms wat met een collega in de stad of ze bestelde bij de chinees of de pizzeria en een enkele keer ging ze ook wel bij de cafetaria langs. Aan een kant-en-klaarmaaltijd had ze zich nog nooit gewaagd. In afwachting van de pizza schonk ze zich een wijntje in en startte alvast de computer op. De pizzakoerier was laat maar juist toen ze de telefoon pakte om nog een keer te bellen, hoorde ze een scooter stoppen. De jongen verontschuldigde zich netjes en weigerde zelfs zijn gebruikelijke fooi. Dat vond Olga opmerkelijk en ze zei: ‘Misschien heb je de fooi dan niet verdiend voor je snelle service, maar wel voor je karakter. Oprechtheid moet beloond worden. Er zullen beslist mensen zijn die het niet met mij eens zijn maar ik geloof dat je er met jouw instelling wel komt’. En ze nam nog een extra euro uit het potje dat op de plank boven de kapstok stond.
De jongen tikte tegen een denkbeeldige pet en grijnsde van oor tot oor. ‘Dank u, mevrouw.’
Olga liep glimlachend naar de keuken, schoof de pizza op een bord, strooide er wat extra kaas over en zette hem even onder de grill totdat de kaas gesmolten was. Achterover geleund in haar bureaustoel at ze hem vervolgens achter de computer op.
Daarna ging ze aan het werk. Ze logde in op fora, las scannend het regionale nieuws in heel Nederland en noteerde enkele namen op haar lijst met potentiële kandidaten. In het weekend zou ze alle gevallen verder onderzoeken, namen en adressen verifiëren en hen al dan niet toevoegen aan haar bijna-definitieve lijst. Die bijna-definitieve lijst schoonde ze vervolgens elke drie maanden op. En als het moment daar was, zou ze het nogmaals doen opdat er een definitieve versie overbleef. Een enkele keer stuitte ze al surfend op gevallen die er gewoon om vroegen op de lijst terecht te komen terwijl ze vervolgens geen naam of adres kon achterhalen. In het begin had het haar gefrustreerd dat deze mensen niet konden krijgen wat zij hen gunde en ze besteedde onevenredig veel tijd aan haar speurwerk. Maar op zeker moment was ze zich steeds meer bewust geworden van de inwisselbaarheid van de gevallen en had ze zich neergelegd bij het idee dat het – zoals met alles in het leven – een kwestie van toeval en geluk was.
Jack had gezegd dat ze te verstandelijk was. Ze was geen gevoelsmens zoals hij. Het klonk degenererend. In zijn wereld was verstand een inferieur iets. Ze had geprobeerd uit te leggen dat haar hoofd houvast bood als de stroom aan emoties haar dreigde mee te sleuren in een richting die ze niet wilde, die haar niet diende en niet bij haar of haar leven paste. Haar verstand was haar reddingsboei. Als ze niet kon redeneren, zou ze verdrinken. Hij zei dat ze bang was voor emoties. Zij zei dat angst ook een emotie was. Hij zag er de ironie niet van in. Toen had ze uitgelegd dat ze ervan genoot als haar hoofd haar hart begreep, als ze overzag. Als ze de verschillende schakels aan elkaar kon linken ontstond er een kleurig en fonkelend juweel dat ze dicht bij haar hart koesterde, had ze gezegd. En ook genot en koestering waren emoties.
‘Zie je, dit is precies wat ik bedoel, jij beredeneert altijd alles, je analyseert je emoties dood’, had hij met een opgeheven vingertje gezegd, ‘want wat vóél je nou?’
Ze begreep dat hij nooit zou kunnen zien hoe het werkte bij haar omdat hij de vaardigheid miste voorbij de woorden te zien. Of, zoals zij dat kon, in de woorden emoties te herkennen. En ze had geantwoord: ‘Ik voel mij verlaten’.

20:49
1 december 2011


freija

berichten: 221

2

mmm, veelbelovend begin weer Klaske. Ik ben benieuwd in welk verhaal we nu weer terecht gaan komen. Komt Turkije ook aan bod in dit verhaal, dat je het hier plaatst?

22:29
1 december 2011


Klaske

berichten: 277

3

Turkije speelt in dit verhaal geen rol, hooguit is er een link te leggen met waarom mensen soms naar een ander land verhuizen (zo wordt later duidelijk). Met dit nieuwe feuilleton heb ik gereageerd op de reacties die ik kreeg op het vorige (zie dat topic). Maar… zoals ik daar al schreef, als het een bezwaar is dat het dit keer niet over Turkije gaat, dan hoor ik dat wel. In die zin ben ik een 'brave burger'; ik houd de regels in het oog maar schroom ook niet eigen initiatief te tonen. Zeg het maar!

23:10
1 december 2011


muratje

berichten: 247

4

Algemene chat, mag ook over vlinder verzamelaars gaan :)

23:13
1 december 2011


Klaske

berichten: 277

5

Oké dan, lees je ook mee Muratje? Volgens mij schrijf ik vooral vrouwenverhalen, hoewel ik ook enkele mannenfans heb. Ben zomaar benieuwd smile !

12:05
2 december 2011


zwaluw

berichten: 37

6

ben benieuwd hoe het verder gaat.

10:05
3 december 2011


Klaske

berichten: 277

7

JACK KAN DE POT OP
DEEL TWEE

Er waren twee voorvallen geweest die haar leven richting hadden gegeven. Een derde gebeurtenis had haar ziel veranderd.
Ze was vier geweest toen ze met haar moeder en haar jongere broertje Maksim vanuit haar geboortedorp Kirove in het oosten van het huidige Oekraïne met de bus naar Kiev reisde. De tocht was lang, de bus vol. Eerder was haar vader al naar Kiev vertrokken waar de staat hem werk en een flat bezorgd had. Er reden wel treinen, die ongetwijfeld comfortabeler waren dan de bus, maar die waren ook duurder en daarom legden ze het traject per bus af. Op de stoel achter hen zat een jonge vrouw die anders was dan alle andere vrouwen die Olga ooit gezien had. Mama had gefluisterd dat ze een buitenlandse was. Er was iets in Mama’s stem geweest dat ze niet kon duiden en ze wist niet of het goed of fout was, wat Mama zei. De plaats naast de buitenlandse was leeg, alsof niemand het waagde daar te gaan zitten. Tussen de stoelen door gluurde ze steeds voorzichtig naar de vrouw achter hen. Toen hun ogen elkaar ontmoetten had Olga snel een andere kant op gekeken maar ze had nog net de glimlach van de vrouw opgevangen. Daarna keek ze niet meer weg als hun blikken elkaar kruisten en steeds openlijker zocht Olga het contact. De vrouw was mooi. Ze droeg een kleurig jasje van fluweel en ze had een tas die van dezelfde stof gemaakt was. Ze had blond haar en grijze ogen die glinsterden als natte kiezels. Maksim was huilerig en Mama probeerde hem op haar schoot in slaap te laten vallen. Dat was het moment dat de buitenlandse vrouw op de stoel naast zich wees en Olga uitnodigend wenkte. Fluisterend had ze Mama gevraagd of het goed was dat ze daar ging zitten. Mama keek naar de mooie vrouw die haar een gulle glimlach schonk en daarna keek ze naar Maksim die wel wat meer ruimte kon gebruiken. Toen had ze geknikt en Olga was voorzichtig naast de buitenlandse geschoven. Misschien dat het kwam omdat ze, toen ze ouder werd, andere kinderen op een zelfde manier contact zag maken met medepassagiers; ze was de hele scène nooit meer vergeten. Van de rest van de reis waren er hele stukken die ze niet meer wist. Ze moet geslapen hebben want de reis duurde minstens acht uur maar daar wist ze niets meer van. Ook niet van de stops en wat ze te eten kreeg. Iets anders was veel belangrijker geweest. De vrouw had in haar tas een schetsboek gehad en door middel van tekeningetjes hadden ze met elkaar gepraat. Zo wist Olga dat ze uit Nederland kwam, Rita heette, dat ze twintig was – vier handen – en dat ze schilderijen maakte. Ook Olga had met kleurige krijtjes tekeningen in het schetsboek mogen maken en toen ze in Kiev afscheid namen, had de Nederlandse haar het schetsboek met de krijtjes in de handen gedrukt en haar omhelsd en een kus gegeven. Olga had gehuild. Zelfs het weerzien met haar vader had haar nauwelijks kunnen troosten en nog weken had ze een gevoel van gemis en hunkering gehad. Het schetsboek was haar dierbaarste bezit en Nederland werd het land uit een droom, het land waar ze ooit zou gaan wonen.
Het tweede voorval had in de metro van Kiev plaats. Ze was dertien en de lijn was nog maar net doorgetrokken naar Obolon, het stadsdeel waar zij woonden. Het was winter en Olga was eropuit gestuurd om garens en kralen te halen voor het handwerk van haar moeder. Die ochtend stond ze vooraan op het perron toen de deuren van de metro openden. Toen de mensen uitgestapt waren, schoot zij als eerste naar binnen en daar lag hij op het tweede bankje: een elegante, glanzende, witleren portemonnee. Zonder zich te bedenken liet ze zich er bovenop vallen. Pas daarna kwamen de gedachten: had iemand het gezien, hoe kon ze de portemonnee ongemerkt in haar jaszak krijgen, wat als iemand haar betrapte? Ondanks de kou brak het zweet haar uit. Moest ze de portemonnee bij de politie afgeven? Ze keek naar de mensen om zich heen. Niemand leek iets in de gaten te hebben. Het vijfde station was een overstapstation en daarna was er vrijwel niemand meer over van de passagiers die gelijk met haar waren ingestapt. Ze schuifelde nu op het bankje heen en weer, net zolang tot ze voelde dat de portemonnee tussen de zitting en het raam schoof. Ook het zesde station was weer een overstapstation en het lukte haar in de drukte de portemonnee in haar jaszak te werken. Even later had ze op het perron gestaan van een station waar ze nooit eerder geweest was. Ze was als de dood dat iemand haar ineens bij haar arm zou grijpen en durfde zich nauwelijks te verroeren. Maar er gebeurde niets en nadat er een tweede metro gestopt was, liep ze met de mensenmenigte mee en zocht haar weg om weer terug te kunnen keren naar het metrostation waar zij moest zijn. Toen ze uiteindelijk op de juiste plek bovengronds kwam, sloop ze een straatje in waar ze met trillende vingers haar buit bekeek: zeven knisperende biljetten van 250 roebel en nog eens twee van 500. Het was de eerste keer dat ze haar hoofd inzette tegen haar hart. Gevoelens van schuld, schaamte en berouw redeneerde ze weg. Iemand die zo veel geld bij zich had en het niet goed bewaakte, kon het blijkbaar wel missen. God had haar uitverkoren de portemonnee te vinden en daar waren heilige consequenties aan verbonden. Ze kon niet anders dan de ‘anonieme gift’ in nederigheid accepteren om er iets goeds mee te doen. Bovendien zwoer ze de rekening ooit te zullen vereffenen. Ze vertelde haar ouders dat ze een baantje gevonden had in een boekhandel. Daarmee sloeg ze twee vliegen in één klap: ze kon elke dag na schooltijd nog uren wegblijven om te lezen en te studeren én ze kon haar moeder regelmatig een bundeltje roebels geven.
Ze kocht een woordenboek Russisch – Nederlands en sloeg op eigen houtje aan het studeren.

11:05
3 december 2011


janneinalanya

berichten: 28

8

Ik ga je verhaal weer volgen hoor Klaske, zal me nu maar eens abonneren :-)

11:06
7 december 2011


Klaske

berichten: 277

9

JACK KAN DE POT OP
DEEL DRIE

Natuurlijk viel ze door de mand. In het nauw gedreven had ze verteld dat ze geld van een toerist had gekregen toen ze hem had rondgeleid in Kiev. Het bedrag dat ze genoemd had – 750 roebel – was veel te hoog geweest en haar ouders waren in alle staten. Ze werd meegenomen naar het ziekenhuis waar haar moeder in bedekte termen met een arts sprak. Olga werd onderzocht en daarop werd geruststellend geconcludeerd dat ‘alles nog intact’ was. Desondanks werd ze sindsdien scherp in de gaten gehouden en moest ze haar moeder thuis helpen met het maken van sieraden en kussenhoezen. Olga had de reden tot opwinding niet begrepen. Dat inzicht was pas later gekomen en ze had zich vernederd en oneindig gekwetst gevoeld. Hoe hadden haar ouders haar ervan kunnen verdenken dat zij haar lichaam had verkocht? Nog later – te laat; haar jongemeisjesjaren hadden een smet opgelopen die zich maar moeilijk liet wegpoetsen – had ze begrepen dat haar eigen gedrag daar debet aan was geweest. En toch voelde ze geen spijt. Noch schuld.
Het resterende geld lag op een veilige plek te wachten tot ze het kon inzetten. Zo nu en dan kocht ze een boek, meestal tweedehands, die haar honger naar kennis voor even kon stillen. Ze wierp zich verbeten op haar schoolwerk en werd aan het einde van de rit zonder enig voorbehoud aan de universiteit toegelaten waar ze Russische Letterkunde en Nederlandse taal en cultuur ging studeren. Het eerste semester was nog maar net voorbij toen ze op basis van haar prestaties voor drie weken met een select groepje studenten en hoogleraren naar de Universiteit van Amsterdam mocht. De kosten werden deels door de staat betaald. Olga vertelde haar ouders dat de universiteit het restant financierde en dat deelname dus gratis was. De biljetten knisperden nog altijd tussen haar vingers toen zij ze bij de administratie neertelde.
Ook van andere universiteiten uit de Sovjet Unie kwamen deelnemers. Bij de grens met Polen verzamelden zich zo’n honderd mensen en met twee bussen reden ze naar Nederland. De eerste uren had Olga geslapen maar toen ze het land uit haar dromen naderden, had ze voortdurend naar buiten gekeken, de tas met daarin het schetsboek in haar armen geklemd. Uit de handtekeningen die onder sommige tekeningen gezet waren, had Olga de achternaam van de maakster gedistilleerd. Rita Bergman was de naam van de schilderes die op twintigjarige leeftijd door de Sovjet Unie was getrokken. Olga was vast van plan haar op te sporen. En ze had geluk. Omdat ze veruit de jongste van de groep was, had ze de aandacht getrokken van een van de hoogleraren van de Universiteit van Amsterdam. Het verhaal had hem geïntrigeerd en hij had een van de secretaresses opdracht gegeven zich in te zetten om Rita te vinden. In de drie grote dagbladen van Nederland was een oproepje geplaatst en op diverse plekken in Amsterdam waren kopietjes van een van de tekeningen uit het schetsboek opgehangen met de contactgegevens van het secretariaat van de universiteit. Drie dagen voor ze weer terug zou keren naar Kiev, was er nieuws. Rita bleek haar atelier in een plaatsje ten noorden van Amsterdam te hebben en nog diezelfde avond ontmoetten ze elkaar. Het leek Olga alsof ze een geliefd en lang geleden verdwenen familielid teruggevonden had. Zo zwijgzaam en gesloten als ze anders was, zo spraakzaam en open was ze nu. Ze huilden beiden toen Olga vertelde over de gevonden portemonnee en de jaren van eenzaamheid die daarop gevolgd waren. Toen ze na uren afscheid namen, stamelde Rita in een smorende omhelzing: ‘Blijf’.
Die nacht sliep ze niet. In hoog tempo wervelden de gedachten in haar hoofd rond. Tegen de ochtend had ze een besluit genomen. Het lukte haar de betrokken hoogleraar al voor het ontbijt te spreken en aan het einde van de dag belde ze haar moeder om te vertellen dat ze in Nederland bleef… Met de hoogleraar aan haar ene en Rita aan haar andere zij, zwaaide ze de volgende dag de bussen uit die zonder haar terugkeerden naar de Sovjet Unie. Ze nam haar twee tassen en met rechte rug stapte ze achter Rita aan naar diens auto. Rita was niet doorgebroken in het kunstenaarscircuit maar wel kon ze een goed belegde boterham verdienen met het maken van allerhande illustraties voor diverse opdrachtgevers. In ruil voor kost en inwoning zou Olga het atelier schoonhouden en elke dag voor hen beiden koken.
Nadat ze die eerste avond samen televisie hadden gekeken in de woonkamer, liet Rita haar naar huis bellen. Olga kreeg hen alle drie een voor een aan de telefoon: eerst haar moeder – die huilde – daarna haar vader en ten slotte Maksim. Drie keer vertelde ze hetzelfde verhaal; over haar eigen kamer die op de benedenverdieping lag en grensde aan het atelier en openslaande deuren naar de tuin had. Over het huis zelf dat een verbouwde boerderij was en die lag aan het water, een vaart, zoals ze hier zeiden. En over Rita en de afspraken die ze gemaakt hadden. Haar vader vertelde ze desgevraagd dat de professor alles rond haar verblijf zou regelen en ze beloofde haar snikkende moeder iedere week te bellen. Met een zucht hing ze op.
De volgende ochtend werd Olga wakker van een roffel op haar deur en een overslaande stem die ‘snel, doe open’ riep. Ze sprong uit bed en opende de deur. Daar stond Rita, met ogen waarin de ontzetting te lezen was en een krant die kopte: ‘Kernreactor Tsjernobyl ontploft’.
Rita nam haar mee naar de woonkamer en draaide het nummer van huis voor haar. Ze kreeg Maksim aan de telefoon die vertelde dat Mama net met een verdovend middel in bed was gelegd. Papa was die nacht opgeroepen om bij de brand te helpen. En daarbij omgekomen.
Dit was de gebeurtenis die haar ziel veranderd had; ze had niet kunnen vaststellen of God haar gespaard of juist gestraft had…

12:26
7 december 2011


Trudy

berichten: 170

10

kippevel….

12:29
7 december 2011


freija

berichten: 221

11

Inderdaad, koude rillingen!

19:35
10 december 2011


Trudy

berichten: 170

12

En toen, wat gebeurde er toen???

19:38
10 december 2011


Klaske

berichten: 277

13

Oef… Bijna vergeten!

JACK KAN DE POT OP
DEEL VIER

Jack had een ander gevonden. Olga stelde zich voor hoe het kind snotterend op de bank een film zat te kijken, veilig weggeborgen in Jacks stevige armen. Hoe Jack haar tranen weg kuste en haar van zakdoekjes, kooswoordjes en een vertederde glimlach voorzag.
Jack had haar het nieuws op een avond verteld, gewoon bij de koffie. Daarna had hij zijn koffers gepakt en het huis verlaten. Ze had Rita gebeld en zich afgevraagd waarom Jack niet eerder was opgestapt als hun relatie niet meer beviel. Rita had gezegd dat Jack het type man was dat geen oude schoenen weggooit voor hij nieuwe had gekocht. ‘Ik begrijp het niet’, zei Olga, ‘als je schoenen knellen moet je ze niet meer dragen. Je kunt beter op eelt lopen dan op blaren.’
Rita was even stil geweest en had toen gezegd: ‘Voor vrouwen is het denk ik vaak zo dat het knellen het grootste probleem is. Maar bij mannen? Volgens mij gaat het bij mannen om comfort. Voor Jack waren de zolen dun geworden en hij voelde iedere oneffenheid waar hij zijn voeten zette. Maar zonder schoenen zou hij zeker weten meer pijn hebben gehad’.
Zo was het geweest, en niet anders. Jack, de man van de gevoelens en emoties, van de tirades dat je gevoelens moest beleven, de pijn moest accepteren en verwerken, had de weg van de minste weerstand gekozen. Ze ging er niet om treuren. Jack kon de pot op.
De volgende middag belde hij aan. Ze werkte thuis die dag. Jack had een stapel papieren bij zich die ondertekend dienden te worden. Hij liet er geen gras over groeien, had ze enigszins verbitterd maar vooral verbaasd opgemerkt. Hij zei te begrijpen dat ze tijd nodig had om alles goed door te nemen maar hij dacht in ieder geval al wel haar handtekening te kunnen krijgen voor het opheffen van het gezamenlijke account voor internetbankieren en hun gezamenlijke rekening. Ze hadden beiden hun eigen lopende rekening en daarnaast een gezamenlijke rekening. Middels één account beheerden ze deze drie rekeningen op het internet. Hoewel Jack zijn verzoek bijna tussen neus en lippen kenbaar had gemaakt, kreeg Olga het gevoel dat er iets aan de hand was. Ze kon zich nauwelijks voorstellen dat Jack haar niet vertrouwde en goedbeschouwd was het opheffen van dit account eerder in haar voordeel dan in het zijne. Met haar werk voor het vertaalbureau en het doceren aan de universiteit had ze meer inkomsten en ook meer geld op haar lopende rekening dan hij. Ze had hem aangekeken en dacht: ‘Als hij nu een pen uit zijn borstzakje trekt en me die overhandigt, teken ik niet’. Maar dat had hij niet gedaan en ze had omstandig zelf naar een pen gezocht. Ze vulde de datum in. Het was de elfde van de elfde. Terwijl ze het formulier ondertekende, zei ze: ‘Vandaag is het carnavalsseizoen begonnen. Het feest van de dwazen en de gekken.’
Hij zei niets maar gaf haar een formulier waarmee ze een nieuw account voor haar eigen rekening kon aanvragen. Ze constateerde fronsend dat hij er goed over nagedacht had. Twee dagen later begreep ze waarom. De administratie van de bank werkte minder snel dan Jack kennelijk had gehoopt. Het gezamenlijke account was nog steeds actief en ze zag dat er op de rekening van Jack 5.000 euro spaargeld – waarvan zij het bestaan nooit geweten had – was bijgeschreven en een flink bedrag was afgeschreven dat besteed was in een gerenommeerde meubelzaak. Een bed? Een bank? Beide? Het leek duidelijk dat Jack niet met lege handen bij zijn vriendinnetje aan had willen komen. Wanneer had hij dit alles voorbereid?
Olga liet het bad vollopen en piekerde over Jack. Ze blies vlokken schuim van haar lichaam en dacht na over haar leven. Ze liet zich kopje onder glijden en filosofeerde over de dood.
Toen ze drie kwartier later rozig en rimpelig op de bank zat, had ze een besluit genomen. De colleges zou ze blijven geven maar twee vertaalopdrachten ging ze aan een collega overdragen. Het gaf haar een week of drie de tijd om de ingrediënten aan ideeën en inzichten samen te voegen, ze te laten gisten en rijpen tot een plan. Een plan om rekeningen te vereffenen en heilige beloftes in te lossen. Het was tijd. Ze was er klaar voor.
Jack was geen slecht mens. Lang geleden al was ze tot het inzicht gekomen dat het menselijk handelen werd ingegeven door emoties. Emoties die nagejaagd, vermeden of weggeruimd moesten worden. Welke emoties dat waren, was voor ieder mens verschillend. Evenals de pijngrens waarboven de intensiteit onhoudbaar werd en er tegenmaatregelen genomen moesten worden.
Het streven een goed en hulpvaardig mens te zijn, was een eigenschap die binnen een gemeenschap goed van pas kwam en daarom hogelijk gewaardeerd werd. Waardering krijgen was misschien wel de belangrijkste drijfveer om dingen te doen. Of te laten.
Olga realiseerde zich dat waardering ook voor haar een aantrekkelijk bijproduct zou zijn als ze in haar opzet slaagde. Om de zuiverheid te bewaken, begreep ze dat ze volledig in de anonimiteit moest werken. Ze zou falen als het verlangen naar waardering een rol ging spelen.
In de dagen en weken die volgden, schreef ze details en regels uit. Het was alsof ze een contract met de kosmos ontwierp waarin ook de kleine lettertjes groot uitgeschreven moesten worden.
Toen ze klaar was, deed ze inkopen. Enveloppen, etiketten, mappen en hoesjes, printerpapier en een inktpatroon. Tot slot, op de laatste donderdag vóór de tiende van de maand december, een staatslot met eindcijfer één.

11:04
14 december 2011


Klaske

berichten: 277

14

JACK KAN DE POT OP
DEEL VIJF

In het begin kwam het regelmatig voor dat mensen vroegen of ze gevlucht was voor het Sovjetregime. De eerste keer was ze lacherig verbaasd geweest; ze was toch geen dissidente? Maar ze bemerkte de serieus geïnteresseerde toon van de vraagsteller en slikte de lach in. Ze vertelde zacht het verhaal van de busreis en de ontmoeting met Rita. De glimp die ze daarmee opgevangen had van een wereld die groter was dan de hare en het verlangen dat daardoor zomaar ineens ontstaan was en haar sindsdien niet meer verlaten had.
In de loop van de tijd bemerkte ze dat er niet veel mensen waren die dat begrepen. Het idee dat ze ergens voor gevlucht was, bleek hardnekkig. Was het niet het Sovjetregime, dan was het wel haar familie of de beperktheid die het leven in Rusland haar bood. Was verlangen naar meer dan hetzelfde als vluchten voor beperktheid? Ze meende van niet. Ze meende stéllig van niet. Het had even geduurd voor ze wist waar het verschil zat. Maar toen ze het wist, kon ze het ook aan anderen uitleggen. Verlangen naar meer was ingegeven door de wetenschap dat er meer was of het idee dat er meer moest zijn. Vluchten voor beperktheid was ingegeven door de wetenschap dat die beperktheid er was én die ook als zodanig te ervaren. Olga had de beperktheid nooit zelf ervaren en dus was ze er niet voor gevlucht. Ze kende vagelijk de verhalen over dissidenten maar ze had hen eerder dom en roekeloos gevonden dan dapper en strijdvaardig.
Een buitenstaander zag de tekortkomingen en beperkingen van het systeem beter dan iemand die er middenin zat. Een buitenstaander voelde er bijvoorbeeld afkeer of angst bij. Zij kende die gevoelens niet ten opzichte van haar land. Zoals een kind dat opgroeit in een grote stad en te maken heeft met de drukte van het verkeer, de regels leert en hanteert en zich niet bewust is van het gevaar waarin het zich regelmatig bevindt, zo had zij automatisch de regels geleerd voor het leven in de Sovjet Unie en ze was waarschijnlijk te jong geweest om tegen de grenzen ervan aan te lopen.
Toen ze hier met Jack over sprak, zei hij: ‘Je had filosofie moeten studeren’.
‘Nee’, had ze gerepliceerd, ‘ik wil dat mijn inzichten in en uit mijzelf geboren worden. Als ik ze van een ander leer, zullen ze niet echt van mij zijn.’
‘Je kunt je toch laten inspireren door ideeën van anderen en ze zelf verder ontwikkelen? Je laten bevruchten en een prachtig nieuw en uniek kind ter wereld brengen?’
‘Voor een kind wil ik mij wel laten bevruchten. Een kind is sowieso nooit echt van mij. Maar ik wil dat mijn gedachten en inzichten dat wél zijn.’
Het was in de begindagen van hun relatie. Jack was nog geïntrigeerd door haar manier van denken en ze spraken over een gezamenlijke toekomst, met kinderen, zoals zoveel jonge koppels doen.
Later was Jack nog een paar keer op het onderwerp teruggekomen. De laatste keer had hij gezegd dat elke ontmoeting, elke gebeurtenis haar gedachten en zelfs haar persoonlijkheid beïnvloedde en dat het lezen en leren over de grote filosofen niet anders was.
‘Het verschil is dat alles wat mij in mijn leven gebeurt, toeval is, letterlijk, ontmoetingen en gebeurtenissen vallen mij toe. Ik heb ze niet geënsceneerd en ik heb ze niet opgezocht. Alles wat mij is toegevallen, is van mij. Maar als ik bewust iets van een ander in mij wil integreren, raak ik van mijzelf verwijderd.’
Jack had lichtjes zijn schouders opgehaald en er uiteindelijk het zwijgen toe gedaan.
Olga vermoedde dat hij haar toen al niet meer zo leuk en interessant vond als in het begin. Eerder eigenwijs en betweterig.
Op de dagen vanaf het kopen van een staatslot tot en met de dag van de trekking, dacht ze meer aan Jack en hun relatie terug dan op andere dagen. Niet alleen aan Jack trouwens, allerlei persoonlijke onderwerpen passeerden veelvuldig de revue. Het waren haar peins- en piekerdagen geworden. Dat was de reden waarom ze op zeker moment haar schema had omgegooid en eens in de maand op de vrijdag en maandag thuis werkte. Ze had het weekend geannexeerd en spreidde het werk van twee dagen over vier, inclusief de avonden.
Op de dag van de trekking maakte ze pirozhki, een traditioneel Russisch-Oekraïens deeggerecht dat op heel veel verschillende manieren en met veel verschillende vullingen te bereiden was. Elke maand maakte ze een andere. Dit keer had ze gekozen voor een vulling van kool en ei, zoals haar moeder die in de wintermaanden placht te maken. Verse dille onderstreepte de lichtzoete koolsmaak. Om zeven uur zat ze met een schaal met zes pirozhki op de bank. De telefoon uitgeschakeld. Twee brandende kaarsen op de buffetkast. Terwijl ze at, gingen haar gedachten uit naar het leven in Oekraïne. Ze dacht aan haar moeder die veertien jaar geleden aan de gevolgen van de nucleaire ramp in Tsjernobyl was overleden. Ze dacht aan Maksim die met zijn vrouw en drie kinderen in hun geboortedorp woonde en kampte met aandoeningen die hoogstwaarschijnlijk ook te wijten waren aan de ramp. Olga had hem en haar moeder na het ongeval gesmeekt ook naar Nederland te komen maar haar moeder had pertinent geweigerd. Met het verongelukken van haar geliefde echtgenoot was ook haar leven ten einde, zo had ze gezegd, en ze wilde niet aan een nieuw beginnen. Ze was langzaam weggekwijnd, elke dag een stapje verder richting de dood – en de bevrijding – schuifelend.
Olga pikte de laatste kruimels van de schaal en zette de televisie aan. Ze dacht aan de woorden van de verkoopster een paar dagen geleden. Het was natuurlijk niet waar dat ze meer kans maakte met nummer dertien als eindcijfer omdat er daar minder van verkocht werden. Maar misschien, ja misschien bracht nummer dertien hen dit keer beiden geluk. Olga kruiste haar vingers. Honderdduizend euro was genoeg…

15:56
17 december 2011


Klaske

berichten: 277

15

JACK KAN DE POT OP
DEEL ZES

‘Honderdduizend euro was genoeg.’ Die woorden zongen rond in haar hoofd terwijl ze keer op keer de internetpagina ververste tot ze eindelijk de trekkinguitslag in beeld kreeg. Het bevestigde wat ze al gezien had op tv. Slapjes leunde ze achterover. Honderdduizend euro was genoeg. Wat moest ze in vredesnaam met een miljoen?
Ze dacht aan Het Plan waarin alles nauwkeurig omschreven stond. ‘Honderdduizend euro’, had ze opgeschreven. Maar het contract dat een deal moest vormen tussen haar en de kosmos was eenzijdig door haarzelf ondertekend en nu had ze met de gevolgen daarvan te maken. Ze hoorde een onderdrukt geproest en ze meende dat ze in het ootje genomen werd. Het gelach werd uitbundiger, haar stoel bewoog schuddend mee tot het tot haar doordrong dat het haar eigen lach was die ze hoorde. Ze werd gek! Haar hoofd, waar zat haar verstand? Een miljoen!
Ze begon kermend te huilen. Zachtjes, maar allengs harder en harder. Het golfde in haar. Ze klapte dubbel en drukte haar knieën stijf tegen haar borst in een poging om alles wat daarbinnen gebeurde ook daarbinnen te houden. Waar in vredesnaam was haar hoofd? Ze wilde het er aan de haren bijslepen. Het deed zeer, dat voelde ze vaag en ze liet los. Ze gaf het op. Vrijwel meteen merkte ze dat de razende storm in haar afnam en uiteindelijk ging liggen. Voorzichtig hief ze haar hoofd en keek verdwaasd naar de plukken haar die ze in beide handen hield. Opnieuw begon ze te huilen. Dit was wat ze al die jaren intuïtief geweten had en waar ze bang voor was geweest. De leegte in haar hoofd was moeilijker te verdragen dan de pijn die ze voelde in haar buik en borst. Moeizaam schuifelde ze naar de bank en ging liggen. Toen ze met haar hoofd een kussen raakte, voelde ze een schrijnende pijn. Ze kwam overeind en streek voorzichtig met haar vingers door het haar. Het zien van haar bebloede vingers deed haar in actie komen. Ze moest haar haren uitspoelen voor het korstig werd. Terwijl ze zich uitkleedde, bedacht ze dat heet water pijnlijk aan de wondjes zou zijn maar lauwwarm water was te koud voor haar lichaam. Ze hunkerde ineens naar een warm bad en draaide de kraan open. Het leek Olga dat haar gedachten trager gingen dan normaal maar ze gingen in ieder geval weer, dat was al heel wat.
Ze zat rillend op de rand van het bad en wachtte tot het vol genoeg was om er in plaats te nemen. Voorzichtig betastte ze haar hoofdhuid weer. Op drie plaatsen had ze tot bloedens toe aan haar haren getrokken. Ze schaamde zich. Haar aanval van gekte kwam haar nu belachelijk voor. Ieder normaal mens zou dolgelukkig zijn met het winnen van een miljoen. Maar zij?
Een normaal mens was nu plannen aan het maken voor een groots feest, zat over atlassen gebogen om een wereldreis te plannen, was tekeningen aan het maken voor de verbouw van het huis of zocht op het internet naar de woning van zijn dromen. Maar dergelijke dingen waren niets voor Olga. De plezierige dingen in het leven deed ze wel van haar salaris; daar had ze voor gewerkt en dus was het verdiend. Maar een meevaller, hoe groot of klein ook, moest worden ingezet voor het bereiken van een doel. Of eventueel voor het lenigen van de ergste noden; dat mocht ook.
Ze stapte voorzichtig in het bad en nam de sproeikop in haar hand. Toen het water haar tot haar schouders omhulde, voegde ze meer koud toe en spoelde voorzichtig haar hoofd en haren. Het viel allemaal wel mee, zei ze tegen zichzelf. Heel even was ze de controle kwijt geweest, heel even had ze geen steun aan haar verstand gehad. Tien minuten hooguit, langer had het niet geduurd. En ook zonder haar reddingsboei was ze niet verdronken. Kopje-onder gegaan was ze. Meer niet. Eigenlijk was de rede niet zozeer een reddingsboei maar een vorm van zekering; zoals gebruikt bij het bergbeklimmen. Ja, zo was het geweest; de verankering was losgeschoten, ze had een val gemaakt en daarbij doodsangsten uitgestaan. Maar de eerder aangelegde zekering was sterk genoeg geweest om haar op te vangen. En op het moment dat ze was bijgekomen van de schrik en de opgelopen wonden verzorgd had, kon ze weer verder klimmen.
Plotseling zag ze duidelijk de overeenkomst tussen geld en verstand. Het waren beiden middelen om doelen te bereiken, om verder te komen. Of… voor het verlichten van de persoonlijke noden.
Vergenoegd glimlachend liet ze zich verder achterover glijden. Ze kon het nog. Denken en redeneren en daar intens gelukkig mee zijn.
Later op de avond waste ze het beetje vaatwerk af dat nog in de keuken en op de salontafel stond, ze pakte de stofzuiger en zoog kruimels en haren op. Ze stopte het winnende staatslot in de map met Het Plan. Morgenmiddag, als ze thuis was gekomen van de universiteit, zou ze het hele plan opnieuw doornemen en het aanpassen naar de veranderde situatie. Het zou haar wel lukken. Morgen.
De slaap, die ze gewoonlijk tot haar meest vreedzame vrienden rekende, ontpopte zich deze avond tot een ware vijand. Hij liet op zich wachten en als hij dan eindelijk kwam, bleken het keer op keer bliksembezoekjes te zijn waarbij hij nachtmerrieachtige beelden meebracht. Diep van binnen kende ze de oorzaak, het was dezelfde die haar tot waanzin had gedreven. Maar ze wilde er niet aan, wat daar in het duister verborgen lag, moest daar mooi blijven liggen en vooral niet in de spotlights van haar gedachten komen. Een tweede zekering mocht in geen geval losschieten. Een vrije val zou ze niet overleven.
Olga dacht aan de slaapliedjes uit haar kinderjaren. De woorden over vrouwe winter die de wereld in slaap zong, kwamen bovendrijven. Ze hoorde de stem van haar grootvader, zag hem over het wiegje van Maksim gebogen staan. Ze trok het dekbed over haar hoofd en neuriede de betoverende melodie tot ze – verstikt door tranen en het dekbed – niet meer kon. Morgen zou ze Maksim bellen.

09:04
21 december 2011


Klaske

berichten: 277

16

JACK KAN DE POT OP
DEEL ZEVEN

Ze had niet naar de begrafenis van haar vader gekund. Met twee collega’s – de één gespecialiseerd in buitenlandse betrekkingen, de ander in politiek recht – had haar professor zich gestort op haar verblijfsaanvraag. Gedurende de periode dat de procedure liep, mocht Olga het land niet verlaten. Hij had gevraagd of ze het zeker wist. Zei begrip te hebben voor haar situatie en liet haar vrij om haar keuze te heroverwegen. Ze zouden de procedure later opnieuw kunnen starten. Tegelijkertijd wees hij haar op de gevaren van de straling die was vrijgekomen.
Ze belde iedere dag naar haar moeder maar ze wisten geen van beiden wat te zeggen. Mama sprak niet over Papa of over de ramp en ze vroeg ook nooit naar Olga’s leven in Nederland. De navelstreng die jaren geleden al broos en breekbaar was geworden, scheurde vrijwel pijnloos aan haar kant af. De telefoontjes werden tweewekelijkse brieven. De enveloppen vulde ze met roebels en rapportjes over haar universitaire ontwikkelingen of een vertaling van een Nederlands dichter of schrijver. Een paar keer per jaar belde ze nog, vooral in een poging het contact met Maksim levend te houden. De gesprekken verliepen doorgaans stroef en het kwam steeds vaker voor dat ze met een gevoel van opluchting ophing; blij dat ze haar plicht weer had gedaan.
In de zomer van 1988 was ze met een geleende auto naar Kirove – haar geboortedorp – gereden, waar Mama en Maksim na de ramp waren gaan wonen. Ruim twee jaar had ze hen niet gezien. Aan de grens was de auto doorzocht en geplunderd zodat ze met vrijwel lege handen bij hen aankwam, ze had alleen haar cheques nog. De lege blik in de ogen van haar moeder had haar de adem benomen. Schuchter hadden ze elkaar omhelsd. Ze gaf Maksim geld waarmee hij op de zwarte markt peperdure levensmiddelen kocht. Twee planken in de provisiekast hadden ermee gevuld kunnen worden. Op haar laatste avond probeerde ze haar moeder opnieuw over te halen naar Nederland te komen. Mama had slechts haar hoofd geschud. Toen zij op bed lag, had Olga het aan Maksim gevraagd. Hij kon in Nederland een veel beter leven hebben, Mama kon vast wel bij het gezin van hun tante intrekken. Maksim had haar ruw onderbroken. Hij spuwde de woorden uit: ‘Ik ben niet zoals jij, ik laat Mama niet in de steek. Nooit.’ Olga had niet geweten wat ze moest zeggen en Maksim vervolgde iets zachter maar niet minder scherp: ‘Ik heb deze twee weken geen scène willen maken. Maar ik zie Mama wegkwijnen. Elke dag zie ik haar verdriet. Ze rouwt niet alleen om Papa. Ze rouwt ook om jou. Binnen 24 uur is zij zowel haar man als haar dochter kwijtgeraakt. Dat kun je niet met een paar cheques goedmaken. Voor mij heb jij als zus afgedaan’.
Hij was er niet geweest toen ze de volgende ochtend vertrok. Ze doorkruiste in hoog tempo het vlakke steppeland en toen ze de grens bij Polen overstak, vroeg ze zich af wanneer ze het land terug zou zien.
Er zat geen rek in een bloedeloze familieband. Ze was naar de bruiloft van Maksim en Niena gegaan maar had nauwelijks een woord met het paar gewisseld. Haar hoofd vertelde haar dat het gedrag van haar broertje begrijpelijk was. Dagelijks werd hij geconfronteerd met het verdriet van zijn moeder, waar zij, Olga, debet aan was. Logisch dat hij niets meer met haar te maken wilde hebben en haar slechts voor de vorm had uitgenodigd. Het had geen zin zich te verdedigen, ze had zijn houding te aanvaarden en wellicht dat de tijd hem uiteindelijk milder zou stemmen. Het enige wat ze kon doen was zelf de openheid bewaren.
Haar tante sloot haar in de armen en fluisterde Olga toe: ‘Je moeder is zo trots op je!’ Ze wist dat het niet waar was maar het deed haar goed dat er in ieder geval één familielid was die wat warmte toonde. Bij de geboorte van het eerste kind van Maksim stuurde ze een pakket met luiers, babyvoeding, kleertjes en wat algemene levensmiddelen. Ze kreeg een formeel bedankje van Maksim en Niena, twee dagen later gevolgd door een brief van Niena die haar liet weten buiten medeweten van Maksim om te handelen. Het speet haar dat de relatie tussen Olga en Maksim zo kil was en ze wilde laten weten dat zij er anders over dacht maar dat ze haar echtgenoot naar buiten toe niet kon en wilde afvallen.
Olga had de brief enkele dagen op zich in laten werken voor ze besloot Niena te bellen op een tijdstip dat Maksim waarschijnlijk niet thuis zou zijn. In de maanden die volgden, belde ze vaker en langzaam maar zeker ontstond er tussen hen een band. Olga was blij dat ze op een zijdelingse manier bij het leven van Maksim betrokken was. Het bood de mogelijkheid niet alleen met het hoofd te begrijpen maar ook met haar hart.
Het was met het overlijden van Mama toen ze elkaar weer zagen. Buiten een enkele blik van bemoediging en begrijpen, was er tussen haar en Niena niets geweest dat kon wijzen op hun bestaande contact. Olga had een week bij haar tante gelogeerd. Toen ze op het punt stond afscheid te nemen, was Niena alsnog gekomen. Schichtig om zich heen kijkend had ze verteld dat Maksim zich helemaal in zichzelf terug getrokken had en zelfs de kleine Kalyna niet om zich heen kon verdragen. Niena wist niet wat ze met de situatie aanmoest. Hij was al tien dagen niet naar zijn werk gegaan en het was Niena onmogelijk met iemand te praten. ‘Ik bel je zodra hij weer aan het werk is’, had ze gezegd en daarna was ze weggesneld.
Tante had zorgelijk haar hoofd geschud. ‘Hij is niet zo sterk als jij. Hij aardt naar zijn moeder. Jij hebt het karakter van je vader. Ach, dat juist hij als eerste moest gaan…’
Olga had er de hele tijd aan moeten denken; leek zij op haar vader? Ze moest bekennen dat ze nauwelijks een beeld van haar vader had. Het was vooral haar moeder geweest die een stempel op het reilen en zeilen van het gezin gedrukt had, die altijd aanwezig was. Ze zou haar vader eerder als ‘gesloten’ hebben omschreven dan als ‘sterk’.
Wat betekende dit voor haar? Kwam zij ook als gesloten over?

17:48
24 december 2011


Klaske

berichten: 277

17

JACK KAN DE POT OP
DEEL ACHT

De dag kroop voorbij, bijna nog trager dan de nacht. Zodra ze haar tweede college gegeven had, ging ze naar huis. Het was midden op de middag toen ze op de bank neerplofte. De hele dag had ze aan Maksim gedacht. En met zo’n intensiteit dat het haar beangstigde. Ze wilde hem zien, met hem praten. Al die jaren had ze gedacht dat ze niets kon uitrichten tegen zijn aversie, dat hij er zelfs recht op had. Niet zozeer omdat zij het verdiende maar omdat hij recht had op zijn eigen belevingen. Ze was ervan overtuigd geweest dat elke poging zichzelf te verdedigen alleen maar averechts zou werken. Waarschijnlijk was dit ook zo, meende ze nu nog steeds, maar ze had wel iets anders kunnen doen; ze had hem kunnen vertellen wat zijn afwijzende houding haar deed. Was het te laat? Dat mocht niet waar ze zijn. Ze moest hem spreken.
Maar de telefoon was niet geschikt. Zou ze er naartoe gaan? De kerstvakantie naderde en daarna volgden de tentamenweken. Ze zou zonder al te veel geregel vier weken weg kunnen. Ze zou zelfs volgende week al kunnen gaan als de studenten studieverlof hadden. Nu begonnen haar gedachten te stromen. Overmorgen moest ze naar Den Haag voor het innen van de prijs. Vanochtend had ze deze afspraak gemaakt. Morgen was er één college en een vergadering waarbij ze wel gemist kon worden. Als ze nu vandaag begon met de meest belangrijke stappen van Het Plan, en daar de komende dagen hard aan zou werken, kon ze volgende week naar Oekraïne. Met de trein! Dat was een geweldig idee; het paste uitstekend in haar plan. Haar vermoeidheid was op slag verdwenen.
Ze startte de computer op, zette in de tussentijd thee, en pakte haar map erbij.
Het plan bestond uit twee delen, gebaseerd op twee doelstellingen. Het ene behelsde haar belofte ooit het geld uit de gevonden portemonnee terug te betalen; in veelvoud, anoniem en willekeurig. Om dit deel te realiseren, had ze portemonnees verzameld. Die zou ze – al reizend met het openbaar vervoer – hier en daar achterlaten. Nu ze zoveel meer geld had dan de benodigde honderdduizend, kon ze half Europa door met haar missie.
Het andere deel was moeilijker te realiseren. Ze had zich na de vondst in de metro, voorgenomen iets goeds met het geld te doen. Dat had ze gedaan, maar slechts voor haar eigen leven. Ze had het besteed aan haar studie en de reis naar Nederland. Nu was het tijd iets goeds te doen voor anderen. Anoniem, maar niet willekeurig. Voor dat doel had ze nu ruim een jaar het internet afgezocht naar mensen die ze kon helpen. Niet door het geven van geld maar door dingen te doen, te regelen of te schenken.
Zo was er een vrouw met een gehandicapt dochtertje. Het meisje vond het heerlijk om met de auto weg te gaan. Onlangs was de echtgenoot overleden en de vrouw had geen rijbewijs. Rijlessen waren duur en bovendien was ze bang. Ze meende dat ze veel meer lessen nodig zou hebben dan wie ook. Nu was ze afhankelijk van anderen die af en toe met haar en haar dochtertje een tochtje wilden maken. Olga had uitgezocht waar ze woonden, ze had een contract opgesteld voor een rijschoolhouder die bereid was voor een vast bedrag zo veel lessen te geven als nodig. Waren het er minder dan Olga berekend had, dan had de rijschoolhouder geluk, waren het er meer, dan had hij pech. Bovendien wilde Olga regelen dat de vrouw op parttime basis bij een pakketbezorgdienst kon gaan werken zodra ze haar rijbewijs had. Het moest een flexibele overeenkomst worden en Olga zou een jaar lang de helft van de werkgeverskosten voor haar rekening nemen. Als het jaar om was, moest de vrouw zich als goede kracht bewezen hebben zodat de werkgever het contract voortzette.
Er was een jonge man van Pakistaanse afkomst. Hij had al vanaf zijn geboorte een hartprobleem en tussen zijn tiende en zestiende had hij meer tijd in het ziekenhuis doorgebracht dan thuis. Hoewel hij intelligent was, had hij geen diploma van de middelbare school weten te behalen. Hij kon een toelatingsexamen voor het HBO doen maar hij miste de basiskennis die nodig was. Er waren scholingstrajecten maar die kon hij niet betalen. Hij werkte parttime omdat zijn gestel het niet toeliet fulltime te werken. Zijn droom natuurkunde te studeren leek onhaalbaar.
En zo waren er talloze gevallen waar Olga het afgelopen jaar op gestuit was. Mensen die net tussen de wal en het schip vielen wat betreft regelgeving of waarbij de samenloop van omstandigheden zo uniek was dat er eenvoudigweg geen passende financiering voor bestond.
Olga had een kleine veertig mensen op haar lijst staan maar ze wilde de lijst terugbrengen tot tien. Het was niet de bedoeling dat het een nieuwe levensvervulling werd en de zaken moesten daarom binnen een paar weken af te handelen zijn.
Ze keek naar de namen op haar lijst en de trefwoorden die ze erbij geschreven had. Ze zag ineens dat er veel gevallen bij zaten die met taal te maken hadden. Mensen die om wat voor reden dan ook een taal wilden leren maar wie het niet lukte, mensen die boeken of andere geschriften wilden laten vertalen maar niet het geld voor een professionele vertaler hadden. Ze leunde achterover en dacht na.
Haar levensvervulling was taal. Vertaal- en schrijfwerk, literatuurgeschiedenis en taalcultuur. Wat, als ze die lijst met tien mensen nu eens liet zitten? Wat, als ze haar eigen vertaalbureau begon met daaraan gekoppeld een klein lesinstituut? Met het miljoen dat ze gewonnen had, was het waar te maken.
Nu de kosmos zich niet aan de honderdduizend euro gehouden had, hoefde ook zij zich niet aan Het Plan te houden. Met een eigen vertaal- en lesinstituut kon ze heel wat mensen helpen. Het lag geheel in de lijn van haar leven en van haar karakter.
Was de kosmos haar dan toch genadig en had het haar een antwoord gegeven op haar zielenvraag?

20:18
24 december 2011


Trudy

berichten: 170

18

wauw, mooie, bijzondere wendingen aan het verhaal. gaat (zo lijkt het althans) een hele andere kant op dan ik gedacht had……

11:31
25 december 2011


Klaske

berichten: 277

19

Kerstcadeautje:

JACK KAN DE POT OP
DEEL NEGEN

Ze had zich zelden zo licht, zo opgetogen, zo intens gelukkig gevoeld. Alles leek ineens weer te kloppen. Het oergevoel, het diep van binnen weten dat er voor haar gezorgd werd, was terug. Ze had het als kind altijd bij zich gehad maar was eraan gaan twijfelen op de dag dat haar vader was omgekomen. Gisteravond leek het erop dat ze het zelfs voorgoed kwijt was, dat ze gestraft werd voor hovaardigheid. Maar nu… Het was beter dan ze had kunnen bedenken. En ze realiseerde zich ook dat ze de inzinking van gisteren nodig had gehad. Dat het had bijgedragen aan de ontwikkelingen en inzichten van vandaag. Het had ervoor gezorgd dat ze was gaan nadenken over haar verstandhouding met Maksim en het had haar op een nieuw spoor gezet met betrekking tot de doelstellingen van Het Plan.
Nu durfde ze ook de woorden te zoeken voor wat ze gevoeld had gisteravond. Voor de angst en waar die vandaan kwam.
Woorden werkten twee kanten op. De ene keer kon Olga er emoties mee in bedwang houden maar andere keren versterkten ze juist de emoties of riepen ze die op. Een onbestemd gevoel, een vage angst waarvan ze de herkomst vermoedde en niet wilde ervaren, kon ze enigszins op afstand houden door er geen woorden aan te geven.
Woorden, woorden, woorden…
Ze hadden magie. Ze konden haar tot tranens toe roeren. Beelden deden dat in veel mindere mate. Woorden maakten dingen absoluut, reëel. Soms was dat geruststellend, maar lang niet altijd. Angst kon soms beter vaag en ombestemd gehouden worden omdat dit ruimte bood voor hoop. Hoop dat er niets aan de hand was.
En Olga was jaren bang geweest, verschrikkelijk bang, dat de ramp in Tsjernobyl en het omkomen van haar vader, een straf voor haar persoonlijk was geweest. Een straf omdat ze haar eigen weg gekozen had. Toen ze vorig jaar haar plan opstelde, was dat mede om erachter te komen of de ramp wel of niet als straf bedoeld was. Won ze de benodigde honderdduizend, dan was dat het seintje dat het wel goed zat. Won ze het niet, dan was dat het bewijs van afkeur. Maar ze had geen honderdduizend euro gewonnen; het was veel meer geweest en ze had – opnieuw – geen idee gehad hoe ze dat moest opvatten.
Maar nu wist ze het, ze wist het zeker; het was een olijke knipoog, een bemoedigende streling over haar rug.
En nu had ze ook lekker de tijd om haar reis naar Oekraïne voor te bereiden. Met het opzetten van een eigen vertaal- en lesinstituut zou ze beginnen als ze weer terug was.
Olga zuchtte van genot; wat een heerlijke vooruitzichten had ze ineens.
Ze was op de bank gaan liggen. Het deed nog steeds zeer als ze op haar rechterzij lag en ze lag daarom nu met haar hoofd naar de raamkant. De kamer zag er anders uit zo. Ze moest erom lachen. Ze moest overal om lachen. De grijns wist van geen wijken.
Ze was vrij! Haar gedachten vlogen luchtig fladderend alle kanten op. Ze zou geen route uitstippelen voor haar treinreis. Ze nam stoptreinen en ze liet zich leiden door impulsen om uit en over te stappen, om misschien zelfs bussen te nemen en om hier en daar een gevulde portemonnee achter te laten. Het was jammer dat ze Rita niet mee kon nemen. Die zou van elke seconde genieten. Maar Olga wilde niet dat ook maar iemand op de hoogte zou raken van haar plannen. Zelfs Rita mocht niets weten.
Ze kwam overeind en voelde nu de vermoeidheid weer. Het enige wat ze vandaag nog wilde doen was op het internet kijken naar de mogelijkheden om een maand in Europa te treinen. Verder nog iets simpels koken en dan lekker vroeg naar bed.
Tegen vijf uur in de ochtend werd ze wakker. Ze wist zeker dat ze gedroomd had maar het was slechts een woordeloze sfeer uit haar kindertijd die zich liet vangen. De bijbehorende beelden bleven als glazige nevelwolkjes in de ruimte hangen. Olga dacht weer aan Maksim. Hoe kon ze hem geld geven of op een andere manier helpen zonder dat hij wist dat het van haar kwam?
Maksim. Waar hield hij eigenlijk van? Wat waren zijn dromen en wensen voor het leven? Als jongetje had hij in de voetsporen van zijn vader willen treden. Bij de beveiliging. Ze zag zijn jonge jongensgezicht weer voor zich. De serieus stoere blik in de ogen als hij bij hun flat ‘op wacht’ stond, een oud laken om zijn schouders geknoopt en een knoestige stok in zijn handen. Ze hadden er nooit over gepraat maar Olga vermoedde dat hij zijn jongensdroom gelijktijdig met hun vader had begraven.
Ze kon niet meer slapen. Als ze nu opstond, kon ze nog twee uur aan een vertaling werken voor ze naar de universiteit moest. Vanmiddag kon ze verder werken. Morgen naar Den Haag en als dat vlot verliep, kon ze ook dan nog een paar uur werken. Met een beetje geluk kreeg ze dan de opdracht al af. Vrijdag had ze twee colleges te geven en de rest van de dag kon ze besteden aan de voorbereidingen voor haar reis. Zaterdag kon ze weg.
Zaterdag kon ze weg! De woorden zongen in haar hoofd. Neuriënd stond ze onder de douche. Ze trok maximaal tien dagen uit voor de reis naar Maksim en Niena. Ze hoefde er niet voor 25 december te zijn aangezien het kerstfeest binnen de orthodoxe kerk toch pas op 7 januari gevierd werd. Haar laptop nam ze niet mee. Dat was vragen om moeilijkheden. In plaats daarvan zou ze een royaal notitieblok meenemen, een puzzelboekje, een kaart van Oost-Europa, haar mp3-speler en een leesboek. Kleren had ze uiteraard ook nodig en niet te vergeten een verzameling portemonnees. Met een handdoek om zich heengeslagen stond ze even later voor de spiegel. De stralende glimlach die ze zichzelf zond, zou in geen enkele tandpastareclame misstaan.
Ze was meer dan tevreden over haar nieuwe plan en het leven was heerlijk!

09:06
28 december 2011


Klaske

berichten: 277

20

JACK KAN DE POT OP
DEEL TIEN

Het was zover, ze stond met een kleine koffer en een rugzak op het perron te wachten op de trein. Het was zondag. Er was toch nog wel veel te doen geweest de afgelopen dagen en het was niet haalbaar gebleken op zaterdag te vertrekken. Maar het maakte niet uit.
Olga keek naar de mensen om zich heen. Wie van hen zou ze een gevulde portemonnee gunnen? Ze bedacht meteen dat het maar goed was dat ze daar nauwelijks invloed op had. Ze moest de portemonnees op zo’n manier en op zo’n moment achterlaten dat het niet opviel en zij al verdwenen was als ze gevonden werden. Door wie, zou ze dan nooit weten.
Dertig portemonnees – verdeeld over koffer en rugzak – had ze bij zich waarin ze willekeurige bedragen aan biljetten en munten gestopt had. De ene bevatte bijvoorbeeld € 837,60 en een andere € 6.048,20. In totaal had ze bijna € 60.000,– over de portemonnees verdeeld. Dat was het bedrag dat ze vrijdag had kunnen opnemen; het prijzengeld zou ze in de loop van de volgende week op haar rekening hebben staan. Voor de terugweg zou ze dan beetje bij beetje nog eens € 40.000 kunnen pinnen. In haar eigen portemonnee zat voldoende geld voor onderdak en eten en drinken voor de reis.
Nooit eerder had ze zoveel contant geld bij zich gehad maar, zo hield ze zichzelf voor, al maakte een beroving dan geen deel uit van haar plannen, ze zou het geld sowieso kwijtraken.
Een zenuwachtige kriebeling joeg door haar lichaam toen ze de trein aan zag komen. Ze schuifelde achter een ouder echtpaar aan en keek om zich heen alsof ze voor het eerst een trein van binnen zag. Ja hoor, er waren mogelijkheden hier een portemonnee weg te moffelen. Ze kon hem eenvoudig op de richel die aan de raamkant naast de bank liep, neerleggen. Het was niet druk – het voordeel van de zondag! – en Olga had haar koffer en tas naast zich op de bank gelegd. Zo was ze er in ieder geval voorlopig van verzekerd dat ze alleen zat. Zodra de trein zich in beweging had gezet en er geen mensen meer langs liepen, ritste ze de rugzak open en viste er een portemonnee uit. Ze schoof hem zo ver mogelijk naast de lege bank voor haar. Het hart bonsde haar in de keel en ze voelde dat ze rood werd. Nadrukkelijk staarde ze naar buiten maar ze kon het niet helpen dat haar blik telkens naar de portemonnee getrokken werd. Ze kon maar beter ergens anders gaan zitten. Aan de andere kant van het gangpad waren ook nog banken vrij en ze zat dan meteen in de zon. Een goed excuus om te verhuizen. Vanaf hier kon ze de portemonnee niet zien liggen maar ze kon wel mooi in de gaten houden of er mensen gingen zitten en wat er zou gebeuren als de portemonnee gevonden werd. Twee stations verder was het zover. Een oudere man met een meisje van een jaar of vier namen er plaats. Het meisje bij het raam. Een tas werd in het bagagerek gelegd en Olga hoorde de man zeggen: ‘Straks krijg je drinken. We moeten nog heel lang met de trein.’ Het meisje praatte aan een stuk door en de antwoorden van opa leken hoe langer hoe korter te worden. Het leek Olga dat hij moe werd van het babbelende kind dat overal een antwoord op verwachtte en ze moest stilletjes lachen. Straks kwam er natuurlijk een pop of een kleurboek tevoorschijn om het meisje bezig – en stil – te houden. Olga hoopte op een kleurboek met stiften. Er zou vast en zeker een keer een stift op de grond rollen en als ze die dan zouden oprapen, zou de portemonnee ontdekt worden.
Toen de trein afremde, stond de man op. Het meisje volgde zijn voorbeeld maar de man zei: ‘Nee, blijf maar zitten. Wij hoeven er nog niet uit. Ik pak Siepie voor je’. Hij haalde een knuffelbeest uit de tas en stopte die het meisje toe.
‘Opa, ik wil ook mijn boek, ga je mij voorlezen?’
‘Strakjes’, zei de man en legde de tas terug in het bagagerek.
Nieuwe passagiers kwamen binnen. Een jonge vrouw ging achter het meisje en haar grootvader zitten. Maar niet aan de raamkant. Ze knoopte haar sjaal los en legde die naast zich op de bank.
‘Opa, ik moet plassen’, hoorde Olga het meisje zeggen.
De man slaakte een zucht en zei: ‘Maar je bent net thuis nog geweest!’
‘Toen hoefde ik nog niet. Er kwam niets’, pruilde het kind.
‘Oké, als de trein weer rijdt, gaan we naar de wc.’
Toen ze even later opstonden en door het smalle pad richting het halletje liepen, zag Olga hoe de jonge vrouw van de bank erachter zich voorover boog. Toen ze weer overeind kwam, keek ze met een snelle blik om zich heen. Heel even kruisten hun blikken elkaar. Olga liet haar ogen zo neutraal mogelijk over de mensen in het treinstel glijden maar vanuit haar ooghoeken hield ze de jonge vrouw in de gaten. Zou ze doorhebben dat Olga had gezien dat ze iets oppakte? Zou ze opstaan en een ander plaatsje zoeken?
Olga dacht terug aan het moment van jaren geleden waarop zij de witleren portemonnee gevonden had. De angst betrapt te worden werd vermengd met de opwinding over de vondst. De spanning van toen was nu opnieuw voelbaar.
De jonge vrouw verschoof wat, keek uit het raam. Ze pakte haar sjaal en rommelde toen in haar tas. Misschien stapte ze bij het volgende station al weer uit.
Het meisje en haar opa kwamen weer terug. Toen ze langs de jonge vrouw liepen, kwam deze overeind en terwijl ze haar hand met daarin de portemonnee naar hen uitstrekte, vroeg ze: ‘Meneer, is deze portemonnee van u? Hij lag daar onder het raam, naast uw bank’.
Olga kon het gezicht van de man niet zien toen hij antwoordde: ‘Ik heb inderdaad zo’n portemonnee, even kijken’. Hij voelde in zijn broekzak en mompelde: ‘Hoe kan die nu toch uit mijn broek gegleden zijn. Misschien toen ik de tas van mijn kleindochter in het bagagerek legde’.



About the Nederlanders in Turkije Forum

Forum Tijdzone: Europe/Amsterdam

Meeste gebruikers online ooit: 40

Momenteel online: zad75455
4 Gasten

Momenteel op deze pagina: Onderwerp:
1 Gast

Forum statistieken:

Groepen: 2
Forums: 16
Onderwerpen: 473
Berichten: 4359

Lidmaatschap:

Er zijn 972 Leden
Er waren 3 Gasten

Er is 1 Admin

Top Deelnemers:

ni_hao – 401
Klaske – 277
freija – 221
Ihlamur – 198
DigiGee – 173
Trudy – 170

Beheerders: muratje (247 Berichten)